‘Werknemer
wil wel andere baan, maar durft niet’ kopte P&O Actueel onlangs. Het
bijbehorende artikel ging over de uitkomsten van onderzoek over de
arbeidsmarkt. Uit de cijfers zou blijken dat 75% van de Nederlanders wel een
andere baan zou willen maar het niet doet vanwege vast contract, baanzekerheid
en/of salaris.
Veel onderzoeken brengen een paar (schokkende)
cijfers. Daarover lees je een artikel waarin de conclusies met wat onderbouwing
worden gepresenteerd en daarna ga je verder met je werk. Maar je kunt deze
uitkomsten ook anders brengen, bijvoorbeeld zo:
Tel in je kantoortuin of op straat de mensen
om je heen: 1, 2, 3, 4. En stel je dan voor dat de nummers 1 t/m 3 allemaal een
ketting aan hun been hebben en daaraan een ijzeren bal met het woord ‘mijn
baan’ erop. Zie deze mannen en vrouwen strompelen en hoor het schuiven van die
loodzware bal. De nummers 4 lopen er losjes tussendoor, af en toe huppelend
over een ketting die in de weg zit. Stel je dit tafereel voor en voel wat dat
met je doet.
Deze voorstelling verschilt op twee punten van
die uit de eerste alinea:
- Er zijn zintuiglijke elementen aan
toegevoegd, zoals ‘zien strompelen’, ‘horen schuiven’ en het tellen;
- Het appèl dat de beschrijving op je emoties doet.
Deze combinatie van feiten, waarnemingen en
emoties spreekt vanuit hoofd, handen en hart. Dat zorgt voor meer betrokkenheid
en verbondenheid met anderen, wat gezien de uitkomsten van het genoemde
onderzoek broodnodig is in veel organisaties. Daarom laat deze blogpost zien
hoe het werk, communicatie vanuit hoofd, handen en (vooral) hart.